Blog: 'Een onbezorgde vakantie'

Zes jaar geleden, toen ik 21 was (2008), ben ik geopereerd aan een hersentumor. Ik revalideerde en pakte mijn leven geleidelijk weer op. Studeren, wonen en (momenteel) zoeken naar werk gaan sinds het NAH allemaal wat anders. Ik doe dingen overwogen en hecht veel waarde aan rust en structuur. Nu zijn de gevolgen van mijn NAH in eerste instantie niet zichtbaar. Dat maakt het voor mijn omgeving weleens lastig. Zo heb ik bijvoorbeeld moeite met mijn evenwicht en ben sneller overprikkeld en vermoeid. Bij traplopen zoek ik eigenlijk altijd de leuning op. Ook vind ik het prettig als ik een arm als steun krijg als ik samen met iemand door de stad loop. Recht lopen, een gesprek voeren en inspelen op andere voorbijgangers en verkeer zijn namelijk best veel. Fijn om dan even een steuntje te krijgen, dat scheelt! Mensen met wie ik veel omga, weten dit. Zelfs zonder het te vragen, bieden zij vaak al een arm aan. Sommigen vinden het gezellig om gearmd te lopen en dat geeft mij een minder afhankelijk gevoel. Maar nieuwe situaties met nieuwe mensen vind ik altijd spannend; zo ook m’n vakantie.

Even geen focus op mijn hersenletsel

Deze zomer was de vakantie een 10-daagse busreis met een vriendin naar Kroatië. Het was een mooie, maar intensieve groepsreis waar ik nog volop van nageniet. Van tevoren wist ik dat het drukke programma, de warmte en alle indrukken best een uitdaging werden. Het was een ‘gewone’ vakantie; althans, niet speciaal voor mensen met beperkingen. In het dagelijks leven hecht ik veel waarde aan m’n vertrouwde ritme. De groepsreis zou m’n grenzen aardig op de proef stellen en confronterend kunnen zijn. Maar evengoed was het dat niet en juist een meevaller die een positieve draai aan m’n zelfvertrouwen zou geven.

In eerste instantie leek het mij niet nodig en had ik ook niet veel zin om de andere groepsleden te vertellen over mijn NAH. Het rakelt altijd zoveel op, geeft vragen en raakt aan veel gevoelens. Ik was lekker op vakantie en wilde even geen focus op mijn hersenletsel. Tegelijkertijd dacht ik aan zo’n klassiek dubio waar mensen met niet zichtbaar letsel vaak mee te maken hebben: wanneer is het handig om mijn beperking ter sprake te brengen? Maakt openheid de situatie voor mij prettiger? Aan de ene kant is het fijn als iemand zich in kan leven en bijvoorbeeld weet dat veel geluiden en beelden tegelijkertijd lastig zijn. Maar aan de andere kant is er ook het ‘etiket’ die je een ongemakkelijk gevoel geeft, alsof je een bijzondere diersoort bent waar uitleg bij hoort. Ergens voelde ik mij ook bijna ‘verwend’ dat ik me dit afvroeg. Tijdens mijn revalidatie heb ik met een ooglapje achter een rollator gelopen. Er zijn zoveel mensen met zichtbare beperkingen die helemaal geen keuze hebben om dit wel of niet te vertellen. Het is er gewoon; hoort bij de persoon (‘you get what you see’).

Goedbedoelde verhalen

Maar terug naar de vakantie. Toen ik gearmd met de vriendin op een boulevard liep, vroeg een Kroatische jongen of we ‘just friends’ of ‘more than friends’ waren. Ik vond het wel grappig en het maakte me ook niet uit wat hij dacht (we zouden hem immers toch niet weer zien). Het is ook wel logisch dat iemand dingen gaat invullen en afvragen als hij verder niets weet, daarin was die jongen niet uniek. Toch kreeg ik er wel een raar gevoel bij. Niet het lesbische idee, maar dat onrealistische beeld vond ik vervelend. Dat het gewoon niet klopte. Ik besloot om naar de medereizigers, mensen met wie ik langer en intensiever optrok, gewoon duidelijk te zijn over mijn beperkingen. Zo vertelde ik na drie dagen kort iets over mijn NAH. 
Geen ingewikkelde uitleg; gewoon een paar zinnen met wat kernpunten waardoor het niet zo vaag bleef. Voor mij was het vast groter dan voor hen. De andere reizigers reageerden ontzettend aardig en met een denkbeeldige ‘aha’ regende het ineens aanbiedingen van mensen die hun arm als steun aanboden. In alle interesse, kwamen er veel vragen en verhalen over gezinsleden of vrienden die iets vergelijkbaars hadden meegemaakt. Goedbedoelde verhalen. En enerzijds gaven ze ook een steunend ‘je bent niet de enige-gevoel’: de herkenning en overeenkomsten. Hoewel sommigen zich wel wat in hun eigen verhaal verloren, vond ik het ook prettig dat de aandacht van mij afschoof. Het liet zien dat hersenletsel zoveel mensen (in)direct raakt. Mensen die allemaal hun eigen verhaal hebben en een luisterend oor verdienen. En tegelijkertijd waren er natuurlijk ook zoveel verschillen die lieten zien dat elke situatie weer eigen is. Al met al was het voor mij wel een opluchting om kort maar openlijk over mijn NAH te vertellen. Aan ieder wat ‘ie ermee deed; voor mij droeg het bij aan een onbezorgde vakantie!

Deel deze content

Reageren:

Wil je een link invoegen in de tekst? Zet deze tussen [].
Voorbeeld: [www.voorbeeld.nl] of [http://www.voorbeeld.nl]
Velden met een (*) zijn verplicht.

kennispleingehandicaptensector.nl gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies. melding sluiten