Werkende bestanddelen inclusie
Introductie
Werken aan inclusie betekent: mensen met een beperking centraal stellen. Samen met hen de randvoorwaarden creëren om deelname aan de samenleving mogelijk te maken. Maar vaak zijn organisaties nog erg aanbodgericht. In plaats van nagaan hoe iemand wil wonen, werken en zijn vrije tijd wil invullen doen zij doorgaans niet veel meer dan een ‘open plek invullen’.
Wat kunnen zorginstellingen doen om inclusie te bevorderen? Wat zijn de succes- en faalfactoren? Hans Kröber (Pameijer, Vilans) deed er in 2005-2008 kwalitatief onderzoek naar en schreef er een proefschrift over: ‘Gehandicaptenzorg, inclusie en organiseren’.
Naar het volledige proefschrift (externe link)

Feiten
Verschillende factoren hebben invloed op het wel of niet slagen van de omslag naar inclusie. Zorgorganisaties die kwaliteit van bestaan en inclusie als uitgangspunt nemen, moeten hier rekening mee houden.
In de sociaal-politieke omgeving
- Overheid
Een sturende overheid en samenhangende wet- en regelgeving werken bevorderend. De goede voorbeelden uit het onderzoek gaan creatief om met bureaucratische regels. - Stakeholders
Vanuit de samenleving is er vaak weinig trekkracht (pull). Organisaties en cliënten moeten steeds investeren (push) om resultaat te bereiken. Externe stakeholders die voordeel ervaren bevorderen de trekkracht. - Infrastructuur
Individuele huisvesting, veilige buurten, toegankelijke algemene voorzieningen en een uitnodigende houding van de buurt werken bevorderend. - Geschiedenis
Organisaties met een intramurale erfenis zijn vaak gericht op bescherming en op wat mensen niet kunnen. Ze beschikken vaak over paviljoenachtige gebouwen ver van de bewoonde wereld. Omschakelen kost veel moeite. - Pleitbezorgers
Een krachtige beweging die pleit voor inclusie, cliëntenorganisaties en brancheorganisaties die hun krachten bundelen en een politieke lobby zijn belangrijke instrumenten.
In de organisatie
- Visie
Bij de goede voorbeelden wordt inclusiegedachte gedeeld door alle betrokkenen in de organisatie. Bij de slechte voorbeelden ontbreekt het juist aan zo’n gezamenlijke visie. - Leiderschap
Een visiegestuurde, inspirerende en faciliterende manager werkt bevorderend op het realiseren van inclusie. - Structuur
Voldoende bevoegdheden laag in de organisatie om flexibel in te kunnen spelen op ondersteuningsvragen van cliënten werkt bevorderend. - Cultuur
Een cultuur die gekenmerkt wordt door ondersteuning, openheid, flexibiliteit, betrokkenheid en gericht is op de omgeving werkt stimulerend. Dit staat overigens los van betrokkenheid bij de cliënt, die overal zichtbaar is. - Geschiedenis
Bij een intramurale geschiedenis is wat ‘afgebroken moet worden’ ingrijpender van aard dan bij organisaties met een kleinschalige traditie. - Bureaucratie
Goede voorbeelden slagen erin bureaucratie weg te houden van de werkvloer.
Bij medewerkers
- Visie
Een positieve opvatting over inclusie en over het begrip ‘kwaliteit van bestaan’ brengen inclusie dichterbij. - Voordelen ervaren
Medewerkers die de voordelen zien en ervaren van het ondersteuningsparadigma hebben een positieve invloed op inclusie. - Toerusting
Werken aan en binnen inclusie vraagt van medewerkers nieuwe vaardigheden, zoals cliënten helpen bij de opbouw en het onderhoud van hun netwerk en de omgeving beïnvloeden. - Werkwijze
Strategieën waarbij ervaringsdeskundigheid, eigen regie en het mobiliseren van het netwerk belangrijke elementen zijn, dragen bij aan inclusie. - Bureaucratie
Organisaties die erin slagen de bureaucratie weg te houden van de werkvloer geven medewerkers de kans meer nadruk te leggen op het ondersteunen van cliënten.
Bij mensen met een beperking
- Gedrag
Aangepast gedrag van cliënten draagt in hoge mate bij aan het slagen van inclusie. - Voordelen ervaren
Cliënten die in de samenleving wonen zijn baas over hun eigen leven en hebben meer mogelijkheden zich te ontwikkelen. Maar het kan ook betekenen: eenzaamheid en verkeerde netwerken. - Informatie
Cliënten en begeleiders moeten op de hoogte zijn van de mogelijkheden (sociale kaart, wet- en regelgeving, zorg- en reguliere voorzieningen). - Netwerken
Een goed netwerk is zowel een kenmerk van als een voorwaarde voor inclusie. - Werk en vrije tijd
Met de komst van jobcoaches werken mensen vaker dan vroeger in het vrije bedrijf. Bij vrije tijd ligt dat vaak moeilijker door negatieve ervaringen.
Kenmerken van de invoerstrategie
Zorginstellingen die willen werken aan inclusie moeten mensen met een beperking centraal stellen. Maar vaak zijn organisaties nog erg aanbodgericht. In plaats van nagaan hoe iemand wil wonen, werken en zijn vrije tijd wil invullen en nagaan welke ondersteuning daarbij past, doen zij doorgaans niet veel meer dan een ‘open plek invullen’.
De omslag naar inclusie heeft pas kans van slagen als de invoerstrategie:
- bestaat uit een samenhangend geheel
- interactief en dynamisch is (in dialoog met betrokkenen)
- gefaciliteerd wordt door de top van de organisatie
- gebruik maakt van (externe) goede voorbeelden
- gebaseerd is op leren van elkaar
- gevoed wordt door een sense of urgency (door druk van stakeholders)
- geen last heeft van een institutioneel verleden
- breekt met oude routines en infrastructuren
Context
Sinds de jaren zeventig van de vorige eeuw richten veel zorgorganisaties zich op de randvoorwaarden om inclusie van mensen met een verstandelijke beperking te bevorderen. In de praktijk blijkt dit een weerbarstig proces. Open Society Studies (internationaal onderzoeksinstituut over burgerrechten) stelt zelfs:
‘Ofschoon het begrip inclusie is opgenomen in de Nederlandse wetgeving blijven mensen met een verstandelijke beperking altijd in een gescheiden onderwijs- en werkomgeving leven.’
Zorgorganisaties die werken aan inclusie, moet werken aan interne organisatiefactoren (cultuur, structuur, leiderschap) en de omgeving bij het proces betrekken. Hans Kröber is bestuurder van een zorgorganisatie waar deze veranderopgave zich voordoet. Met zijn onderzoek 'Gehandicaptenzorg, inclusie en organiseren' wil hij een bijdrage leveren aan de inzichten in het verbeteren van de kwaliteit van bestaan en inclusie van mensen met een beperking.
Het onderzoek:
- geeft inzicht in de werkzame bestanddelen (succes- en faalfactoren) die een rol spelen bij de vormgeving van inclusie vanuit het perspectief van zorgorganisaties
- geeft aanbevelingen voor zorgorganisaties zodat zij inclusie beter gestalte kunnen geven
- draagt bij aan de theorievorming over succes- en faalfactoren bij het veranderproces binnen zorgorganisaties.
Meer weten
Links
Inclusion International (externe link, Engelstalige site)
Inclusion International, wereldwijde community van pleitbezorgers van inclusie.
Inclusion Europe (externe link)
Inclusion Europe, Europese community van de pleitbezorgers van inclusie.
Coalitie voor inclusie (externe link)
Nederlandse community voor pleitbezorgers van inclusie.
Films van Makkers Unlimited (externe link)
Makkers Unlimited is een netwerk van mensen met beperkingen. Met eigenzinnige acties maken zij ongelijke behandeling in eigen omgeving zichtbaar zoals deze films over de toegankelijkheid van uitgaansgelegenheden.
