Naar hoofdinhoud Naar footer

Jonge mantelzorgers vinden vooral het ‘zorgen maken om’ zwaar

Gepubliceerd op: 03-06-2020

Aandacht voor jonge mantelzorgers is hard nodig. Zo’n 20% van de scholieren heeft te maken met een langdurig zieke naaste. Ongeveer 3% verleent intensieve zorg van tenminste 4 uur per week. En dit heeft een behoorlijke invloed op hun leven.

Deze cijfers komen uit het onderzoek ‘Bezorgd naar school. Kwaliteit van leven van scholieren met een langdurig ziek gezinslid’. Schattingen laten zien dat ongeveer 6 tot 8 procent van de 13- tot 17-jarigen zorgtaken heeft.  

Wat betekent dit voor hun leven?

Onderzoekers Renske Hoefman (Sociaal en Cultureel Planbureau) en Nynke de Jong (Vilans) deden verder onderzoek vanuit het programma Me-We. Onder andere naar hoe het zorgen invloed heeft op het leven van jonge mantelzorgers. Zij hebben zich daarbij gericht op de leeftijd van 15 tot en met 17 jaar. Zij vertellen wat ze tegenkwamen in het onderwijsblad ‘Bij de les’. De informatie die we hieronder beschrijven komt uit dit artikel. Namelijk: wat doen deze jongeren precies en waar lopen zij tegenaan? 

Jezelf herkennen als mantelzorger

Belangrijk om in ieder geval te weten is dat mantelzorgers zichzelf niet altijd als mantelzorger herkennen. Dat komt omdat het zorgen voelt als iets dat erbij hoort en je gewoon doet.  Zij zorgen immers al zolang zij zich kunnen herinneren voor hun familielid en zien het daardoor als normaal. Bovendien is niet altijd duidelijk wat ‘mantelzorg’ precies inhoudt. Ook ouders en docenten hebben moeite om jonge mantelzorgers te herkennen. 

Vooral ‘zorgen maken om’ is zwaar 

Jonge mantelzorgers helpen onder andere bij persoonlijke verzorging, ‘het gezelschap houden’ en de huishouding. Zij vinden echter vooral ‘het zorgen maken om’ zwaar. Zo vertelt een student: ‘Ik probeer mijn zusje zoveel mogelijk te ondersteunen als ik kan. Ik pas mij elk moment van de dag aan om het haar zo makkelijk mogelijk te maken.’  

Stress

Jonge mantelzorgers kunnen stress ervaren doordat zij rekening willen houden met de zieke naaste. Hierdoor cijferen ze zichzelf soms weg. Zo vertelt een leerling: ‘Vriendinnen hebben snel zoiets van: ”Ja, maar ik doe ook wel eens de boodschappen thuis.” Ik denk dat er een groot verschil zit tussen mantelzorger zijn en thuis in het huishouden helpen. Volgens mij ervaar je geen stress als je in het huishouden helpt. Ik denk ook na over hoe laat mijn broertje weer weg moet en of er dan al iemand thuis is.’  

Brussen

Renske en Nynke kwamen in het onderzoek ook zogenaamde ‘brussen’ tegen: jongeren die voor een broer of een zus met een aandoening of ziekte zorgen. Denk hierbij aan een cognitieve beperking of gedragsstoornis. Dit brengt allerlei taken met zich mee. Ze proberen hun broertje of zusje bijvoorbeeld weer rustig te krijgen als die angstig of boos is. Een van de jongeren in het onderzoek vertelt hoeveel dit soms met zich meebrengt. ‘Als mijn broertje een woedeaanval heeft, moeten wij hem een half uur in de houdgreep houden,’ aldus de jongere.

Zorgen kan ook een goede ervaring zijn 

Daarnaast blijkt dat zorgen zowel een goede als vervelende ervaring kan zijn. Een naaste kunnen helpen bij de uitdagingen van een ziekte of beperking geeft jonge mantelzorgers ook een goed gevoel. Scholieren ervaren door hun zorgtaken echter ook problemen op school. Ook merken ze dat anderen hun zorgen niet altijd even goed begrijpen. Terwijl het soms fijn voor ze kan zijn om hun zorgen bijvoorbeeld met hun vrienden te delen. 

Wat kan jij doen voor jonge mantelzorgers?

Nynke: Als zorgverlener is het belangrijk om aandacht te hebben voor de familieleden van de zorgvrager en het gesprek op gang te brengen. Dat kan al door simpelweg te vragen “Hoe gaat het met jóu?”. Of door te vragen of de jongere vragen heeft over de ziekte of aandoening van zijn/haar familielid. Wanneer je problemen merkt  bij jonge mantelzorgers, kun je hen in contact brengen met een steunpunt mantelzorg in de buurt.’ 

Meer weten?

Meer weten over de ondersteuning van jonge mantelzorgers? Kijk op de website van MantelzorgNL.

Deel deze pagina via: