Naar hoofdinhoud Naar footer

De 10 uitgangspunten voor gebruik van psychofarmaca bij probleemgedrag

Laatst bijgewerkt op: 30-04-2026

Vanuit het Vilans programma ‘Beter af met minder: bewust gebruik psychofarmaca’ zijn 10 uitgangspunten tot stand gekomen. Samen met een groep experts uit de ouderenzorg en gehandicaptenzorg (bestaande uit artsen, gedragswetenschappers, onderzoekers, apotheker, manager, bestuurder en de Inspectie voor de Gezondheidszorg).

In het kort

Type interventie

Richtlijn

Voor wie

Begeleiders, Specialisten ouderengeneeskunde, Zorgverleners

Cliëntgroep

Ouderen, Cliënten, Ziekte van Alzheimer

Sector

Ouderenzorg

Soort kennis

Onderzoek

Ontwikkelaar

Door de 10 uitgangspunten door te nemen en in gedachten te houden, ga je bewuster om met psychofarmaca bij probleemgedrag.

De uitgangspunten zijn opgesteld voor zorgprofessionals, managers, bestuurders, Inspectie voor de Gezondheidszorg.

Neem de 10 uitgangspunten door. Of pak ze er later weer bij om je geheugen op te frissen wanneer er een situatie is waarbij je voor keuzes komt te staan.

Bekijk bij 'Tool' de uitgangspunten bij gebruik van psychofarmaca. Of download de 10 punten als pdf onderaan de pagina bij 'Download of link'. 

Uitgangspunten gebruik psychofarmaca 

Bij het verminderen en gebruik van psychofarmaca zijn de volgende uitgangspunten van belang: 

  1. Psychofarmaca voor probleemgedrag is nooit de eerste keuzemogelijkheid, met uitzondering van situaties met acuut gevaar voor de cliënt of zijn omgeving.  
  2. Behandeling van probleemgedrag wordt voorafgegaan door een gedegen analyse van lichamelijke, psychische, persoonlijke en omgevingsfactoren. 
  3. Behandeling met psychofarmaca voor probleemgedrag is altijd in overleg met de cliënt(vertegenwoordiger) en onderdeel van een integraal multidisciplinair opgesteld behandelplan onder behandelregie van de gedragswetenschapper, arts of verpleegkundig specialist. 
  4. ‘Zo nodig’ gebruik van psychofarmaca voor probleemgedrag is, tenzij geïndiceerd of in acute situaties, niet toegestaan.
  5. Bij aanvang van psychofarmaca voor probleemgedrag wordt al direct nagedacht over en gewerkt aan afbouw en stoppen. 
  6. Bij gebruik van psychofarmaca voor probleemgedrag wordt minimaal driemaandelijks geëvalueerd met arts, gedragswetenschapper, verzorgende/begeleider en met input van cliënt(vertegenwoordiger). Bij deze evaluatie is de apotheker tenminste een keer per jaar aanwezig.
  7. Cliënt (vertegenwoordiger), verzorgende en/of begeleider krijgen psycho-educatie over probleemgedrag en over het monitoren van de werking en bijwerking van de psychofarmaca voor probleemgedrag. 
  8. De bestuurder is bestuurlijk verantwoordelijk voor het psychofarmacabeleid en zorgt voor voldoende deskundig personeel en randvoorwaarden.
  9. Professionals werken volgens professionele richtlijnen over probleemgedrag en het voorschrijven van psychofarmaca. 
  10. Gebruik van psychofarmaca voor probleemgedrag wordt op afdelingsniveau geëvalueerd.  

Inschrijven nieuwsbrief

Wil je op de hoogte blijven van het laatste nieuws en handige tips en tools voor de gehandicaptenzorg? Meld je dan aan voor de wekelijkse nieuwsbrief en ontvang direct het Activiteitenboek voor de gehandicaptenzorg.


Voor meer informatie over de verwerking van persoonsgegevens, zie onze privacyverklaring.