Home Nieuws Nieuws 2017 juli 18 indicatoren naleving VN-verdrag gehandicapten

18 indicatoren naleving VN-verdrag gehandicapten // 13/07/2017

Het College voor de Rechten van de Mens onderzoekt samen met kennisinstituten Nivel en Trimbos of het VN-verdrag voor de rechten van mensen met een beperking wordt nageleefd. Om dit te toetsen zijn er 18 indicatoren opgesteld die aangeven in hoeverre deze doelgroep geniet van hun mensenrechten.

VN-verdrag-indicatoren-naleving-wet-mensen-met-beperking

Hierbij ligt de focus op het gebied van werken, zelfstandig wonen en deel uit maken van de samenleving.

Doel van indicatoren VN-verdrag

Onderzoekers willen in cijfers uitdrukken in welke mate personen met een beperking mensenrechten ervaren. Dit kan het College helpen bij hun onderzoek naar de naleving van het verdrag van de mensenrechten. Het doel van het VN-verdrag gehandicapten is de volledige inclusie van personen met een lichamelijke, zintuiglijke, verstandelijke of psychische beperking in de maatschappij. Het verdrag is een internationaal mensenrechtenverdrag van de Verenigde Naties: CRPD (Convention on the Rights of Persons with Disabilities).

Mate van participatie en kansen van mensen met een beperking

De indicatoren moeten antwoord geven op onderstaande vragen:

  • Ontvangen mensen met een beperking de benodigde en gevraagde ondersteuning?
  • Maken mensen met een beperking deel uit van de samenleving?
  • Kunnen mensen met een beperking zelf kiezen voor een woning?
  • Hoeveel mensen met een beperking hebben betaald werk?
  • Krijgen mensen met een beperking ondersteuning op het werk en bij sollicitaties?
  • Krijgen ze de kans op promotie?
  • Krijgen ze de kans om een hypotheek af te sluiten?

Zelfstandig wonen en deelname aan de samenleving

  1. Plek woning en huisgenoten: het percentage mensen dat woont in een instelling, woonwijk, alleen, met anderen met een beperking, familie, kind(eren) en/of met partner.
  2. Zelf kiezen van woning: het percentage mensen dat zelf, of met ondersteuning, de keuze heeft gemaakt voor een woning.
  3. Zelf kiezen van huisgenoten:het percentage mensen dat zelf, of met ondersteuning, keuze heeft gemaakt voor mensen om mee (of alleen) te wonen.
  4. Aanwezigheid van benodigde aanpassingen en voorzieningen in woning: het percentage mensen dat in zijn/haar woning geen (verdere) voorzieningen en aanpassingen nodig heeft.
  5. Voorzieningen en aanpassingen in woning gevraagd en gekregen: het percentage mensen dat gevraagde en benodigde voorzieningen en aanpassingen in woning heeft ontvangen.
  6. Problemen bij afsluiten levensverzekering voor hypotheek: het percentage mensen dat in de afgelopen 5 jaar problemen heeft ondervonden bij afsluiten van een levensverzekering voor een hypotheek vanwege chronische ziekte of beperking.
  7. Gebruik buurtvoorzieningen: het percentage mensen dat regelmatig gebruik maakt van minimaal twee uit vijf buurtvoorzieningen
  8. Toegankelijkheid buurtvoorzieningen: het percentage mensen voor wie deze voorzieningen vrijwel altijd toegankelijk zijn. 

Werk en werkgelegenheid

  1. Betaald werk en werkplek: het percentage mensen bij een gewone werkgever of bij een apart bedrijf van sociale werkvoorziening/werkplaats, met ondersteuning van een begeleider.
  2. Betaald werk: het percentage mensen zonder betaald werk of met betaald werk als werknemer of als zelfstandig ondernemer.
  3. Arbeidsongeschiktheid: het percentage mensen dat niet, deels of volledig (80-100%) arbeidsongeschikt is verklaard
  4. Behoefte aan betaald werk: het percentage mensen zonder betaald werk met behoefte aan betaald werk.
  5. Benodigde ondersteuning bij (vinden van) werk: het percentage mensen zonder betaald werk dat geen (verdere) ondersteuning nodig heeft om betaald werk te kunnen doen.
  6. Behoefte aan aanpassingen op werk: het percentage mensen dat meer of andere aanpassingen voorzieningen nodig heeft op het werk.
  7. Sollicitaties leidend tot werk: het percentage mensen voor wie sollicitatie geleid heeft tot werk
  8. Beperking reden afwijzing sollicitatie: het percentage mensen dat denkt dat chronische aandoening of beperking de reden is geweest voor afwijzing van een baan.
  9. Verminderde kans op promotie: het percentage mensen dat kansen op promotie in het werk verminderd ziet door chronische ziekte of lichamelijke beperking.
  10. Acceptatie door collega’s: het percentage mensen dat zich grotendeels of helemaal geaccepteerd voelt door zijn/haar collega’s.

Bron: Klik

Lees ook:


 

JOUW REACTIE
Wil je een link invoegen in de tekst? Zet de link tussen vierkante haken: [www.kennispleingehandicaptensector.nl]





Op de hoogte blijven?

Abonneer je gratis op de tweewekelijkse nieuwsbrief van het Kennisplein Gehandicaptensector

Op de hoogte blijven?

Abonneer je gratis op de tweewekelijkse nieuwsbrief van het Kennisplein Gehandicaptensector

Kennisplein Gehandicaptensector gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren.
Ik ga akkoord met het plaatsen van cookies (inclusief tracking cookies).
Niet akkoord en lees meer