Toon zoekbalkToon menu

Ouder wordende cliënten

Heeft jouw bewoner dementie? Vergeet de naasten niet!

Dave (46) woont op een woongroep van ASVZ. Hij heeft het syndroom van Down én dementie. Toen Dave 6 jaar geleden ander gedrag ging vertonen, werd ouderenadviseur Nel Kraayeveld betrokken. Ze adviseerde niet alleen het team over het omgaan met zijn dementie, maar óók de familieleden. Persoonlijk begeleider Carine den Besten en zus Jolanda zijn daar blij mee. ‘Er moet ook oog en oor zijn voor de familie.’

Bij ASVZ werken twee ouderenadviseurs. ‘We trainen, observeren, adviseren en coachen, vooral over ouder worden’, zegt Nel. ‘Dementie speelt daarin een steeds grotere rol.’ Een paar jaar geleden realiseerden Nel en haar collega-ouderenadviseur zich dat dementie bij een cliënt niet alleen iets met de begeleiders doet, maar óók met de familie. ‘Familieleden lopen rond met veel vragen. Ze willen weten wat er kan gaan gebeuren. Wij vonden dat we er ook moesten zijn voor familie.’ Het was de start van een bredere aanpak. ‘Ik geef bij trainingen aan medewerkers nu altijd direct aan dat we ook wat voor familie kunnen betekenen. Het is niet verplicht, maar we bieden het aan. Ze kunnen bij ons terecht voor een of meer gesprekken.’

Dementie is niet eng

Jolanda, haar zus en haar moeder maakten graag gebruik van dit aanbod. Jolanda vertelt dat het even duurde voordat haar broer Dave de diagnose dementie kreeg. ‘We dachten eerst nog aan onderliggend lijden. Dat hij ergens pijn had. Er zijn zelfs nog kiezen getrokken bij de tandarts. Maar het bleek toch dementie te zijn. We hoorden dat de begeleiding handvatten kreeg van Nel, hoe ze met hem om konden gaan. Dat wilden wij ook. Wij zijn sterk met Dave verbonden, ook in dit proces willen we hem begeleiden. We wilden weten wat ons te wachten stond. Je kunt natuurlijk niet in de toekomst kijken, maar een idee van wat er kan gebeuren geeft houvast.’ Ze vond het een fijn gesprek. ‘Ik heb er vooral uit meegenomen dat dementie niet eng is. En dat je er niet voor weg hoeft te lopen. Dave blijft mijn broer en er zijn nog steeds kleine mooie momenten waar we samen van kunnen genieten.’

Speelgoed van vroeger

‘We praten tot het oké is. De diagnose dementie betekent nogal wat voor de familie.’

Nel kan zich het gesprek met Jolanda en haar zus en haar moeder nog goed herinneren. ‘Het was een bijzonder gesprek, dat blijft je dan bij. Ik weet nog dat we het over mijmeren over het verleden hadden, hoe belangrijk dat is, want Dave gaat terug in de tijd. De moeder van Dave vertelde dat ze alles van hem bewaard had, ook zijn speelgoed van vroeger. Later heeft ze de cassetterecorder waar Dave als kind zo dol op was meegenomen naar de woning, om aan hem te laten zien en horen.’ De ouderenadviseurs willen écht oog en oor voor de familie hebben. Daarom spreken ze nooit een eindtijd af voor de gesprekken. ‘We praten tot het oké is. De diagnose dementie betekent nogal wat voor de familie.’

Samen een doel

Vaak versterken de gesprekken met de familie de band tussen het team en de familieleden, aldus Nel. ‘Ook als die band al goed is. Dat komt doordat ze samen een doel hebben, namelijk wat kunnen we nog doen om het leven van broer, zus, dochter of zoon prettiger te maken.’ Persoonlijk begeleider Carine herkent wat Nel zegt. Zij was ook aanwezig bij het gesprek van Nel met de zussen en moeder van Dave. ‘Als zowel begeleiders als familie uitleg en handvatten krijgen, kunnen ze vervolgens makkelijker samen brainstormen. En dat kan over uiteenlopende onderwerpen gaan. Van “hoe maken we het douchen makkelijker voor hem” tot “zou hij mij nog herkennen als moeder?”. Je denkt steeds samen na over wat betekenisvol is voor Dave.’

Nel Kraayeveld, ouderenadviseur bij ASVZ

‘Het is belangrijk dat organisaties zich bewust zijn van het totaalplaatje. Zorgplannen en doelen alleen zijn niet voldoende. Trainingen van medewerkers ook niet. Ze moeten ook de familie betrekken en oog hebben voor wat er bij hen gebeurt. Ik ben blij dat wij die stap hebben gezet. We bieden familieleden de mogelijkheid om met een van de ouderenadviseurs in gesprek te gaan.’

 

Korte lijntjes

Jolanda en Carine waarderen de korte lijntjes die ze met elkaar hebben. Carine: ‘Ik vind het mooi dat de familie van Dave zo positief is. Ze kijken naar wat nog wél mogelijk is. Wij willen daar graag bij helpen.’ ‘En wij vinden het fijn dat Carine en de andere begeleiders met ons overleggen’, vult Jolanda aan. ‘En dat ze ons handvatten bieden, bijvoorbeeld als ze iets nieuws van Nel hebben geleerd. Samen proberen we het hem zo comfortabel mogelijk te maken.’ Ze vertelt dat ze wel eens ’s avonds naar de woongroep komt voor het douche- en bedritueel van Dave. ‘Soms lees ik hem voor het naar bed gaan nog een stukje voor. Laatst had een van de begeleiders zonder dat ik het wist foto’s gemaakt daarvan. Dat raakte me enorm. Ze hebben zoveel empathie. Want dat zijn momenten waarvan je weet dat ze misschien nooit meer terugkomen.’






 

Reageer op deze pagina

Wil je reageren op het Kennisplein Gehandicaptensector? Lees dan eerst de spelregels door.