Naar hoofdinhoud Naar footer

Waaraan herken je epilepsie?

Laatst bijgewerkt op: 04-02-2026

Epileptische aanvallen kunnen er bij verschillende mensen heel verschillend uitzien. Dit komt omdat er ook verschillende aanvallen bestaan. Verschillende vormen van epilepsie hebben ook andere vooruitzichten en mate van ernst. Bepaalde syndromen hebben een goede prognose en zijn goed te behandelen. Bij andere is de prognose minder goed en dan zijn de aanvallen moeilijk te behandelen. Op deze pagina leer je over de verschillende symptomen en verschillende aanvallen.

Symptomen

Epileptische aanvallen zijn niet bij iedereen hetzelfde. Hoe de aanval eruit ziet is afhankelijk van de plek waar in de hersenen de epileptische ontregeling zit. Afhankelijk van wat dit deel van de hersenen aanstuurt ontstaan er verschijnselen. 

Motorische en niet-motorische verschijnselen

De aanvallen kunnen motorische verschijnselen zijn, wat betekent dat je ze aan het lichaam kunt zien. Denk aan herhaalde bewegingen, verstijven of slap worden en wrijven of trekken aan kleding. Schokkende bewegingen komen ook voor, soms over het hele lichaam. 

De epileptische aanval kun je soms niet herkennen aan motorische verschijnselen. Niet-motorische symptomen zijn bijvoorbeeld een déjà vu (het gevoel dat je een nieuwe situatie al eens eerder hebt meegemaakt), iets proeven of ruiken, emoties zoals angst of vreugde of tintelingen. Ook is het mogelijk dat je cliënt een korte tijd afwezig lijkt of even een verlaagd bewustzijn heeft.

Verschillende aanvallen

Begint de aanval op één plek in de hersenen? Dan heet dat een focale aanval. Hierbij kan de cliënt zich bewust zijn van wat er gebeurt (intacte gewaarwording). Maar het kan ook zijn dat de cliënt zich minder of nauwelijks bewust is van wat er gebeurt. Dit heet een verminderde gewaarwording. 

Het kan zo zijn dat een aanval focaal begint, maar zich uitbreidt naar de rest van de hersenen. Begint de aanval direct in beide helften van de hersenen? Dan heet dit een gegeneraliseerde aanval.

Er zijn ook aanvallen die op epileptische aanvallen lijken, maar dit niet zijn. Deze aanvallen hebben een andere oorzaak. Denk bijvoorbeeld aan wegrakingen als gevolg van flauwvallen, of psychogene niet-epileptische aanvallen.

Lees meer