Toon zoekbalkToon menu

Probleemgedrag

B-versie 7 inzichten: Dit helpt jou en jouw organisatie bij probleemgedrag

Moeilijk verstaanbaar of onbegrepen gedrag. Als begeleider kan het heel lastig zijn om hier goed mee om te gaan. Het kan leiden tot gevoelens van machteloosheid. Ook kan het heel zwaar zijn. Bijvoorbeeld omdat je te maken krijgt met woede en agressie. Deze nieuwe inzichten kunnen jou en jouw organisatie misschien helpen.

1. Een goede werkcultuur is een belangrijke voorwaarde 

De focus op probleemgedrag, is juist het probleem 

Er is een cultuur nodig waarbij de aandacht niet uitgaat naar het voorkomen van probleemgedrag. Dit zegt onder andere Jacques Heijkoop, ontwikkelingspsycholoog en expert in vastgelopen situaties. ‘Bij moeilijk verstaanbaar gedrag kan de focus gaan liggen bij alles wat er mis kan gaan. Dit geldt voor de organisatie, naasten en begeleiders. Als de focus naar probleemgedrag gaat, versterkt dat het gedrag alleen maar.’ Meer weten? Bekijk de video in het portret van Jacques Heijkoop op de website van het Centrum voor Consultatie en Expertise (CCE). 

 

Van beheers- naar leercultuur 

Het is bij moeilijk verstaanbaar gedrag belangrijk om te zorgen voor een veilige werkcultuur. Hierin is namelijk ruimte voor leren, ontdekken en kijken naar behoeftes. Zo zegt bestuurder Bas de Greef van Stichting Ela in het artikel ‘Hoe kom je van beheers- naar leercultuur bij moeilijk verstaanbaar gedrag’: ‘Stel er gaat voor de 10e keer een raam kapot door boos gedrag. Dan is de neiging om daar een maatregel voor te bedenken. Bijvoorbeeld dat een cliënt niet meer langs de ramen mag lopen. Maar de kunst is om de focus te verleggen naar het gezamenlijk leren. Begeleiders moeten namelijk de ruimte krijgen om op zoek te gaan naar de vraag achter het gedrag. Je moet samen naar het raam kunnen kijken. En zeggen: “Daar zit een flinke ster in die ruit. Wat is er aan de hand. Was je zó boos dan?” Die ruimte moet geboden worden door het management.’

 

Door het zorgen voor veiligheid voor begeleiders 

Het is belangrijk dat de begeleider zich veilig voelt. Zodat de begeleider in staat is om die veiligheid over te dragen op de cliënt. Gedragskundige Anne Busselmann van Ipse de Bruggen vertelt in de publicatie ‘Een omgeving die gezond maakt': ‘Ik probeer dicht bij de begeleiders te zijn. Op tijd te signaleren wanneer er onrust bij hen is. De begeleider moet als het ware ook dicht bij zichzelf kunnen komen. En zich veilig genoeg voelen om over zichzelf te praten. Vanuit rust zoeken naar hoe anders. Vanuit rust kun je ook in verbinding blijven met de cliënt. Die voelt dan dat hij op de begeleider kan leunen.’ 

 

2. Heb ook aandacht voor de leefomgeving

Anders kijken naar leefomgeving

Vaak zijn leefruimtes voor mensen met moeilijk verstaanbaar gedrag gericht op controle en veiligheid. De bedoeling is om iemand zoveel mogelijk te beschermen tegen zichzelf. Maar het resultaat is vaak een kale inrichting. Ipse de Bruggen vond dat dit toch anders en beter moest kunnen. Samen met een architect gingen zij daarom aan de slag met aanpassingen aan de leefomgeving. Het resultaat? Een vermindering van probleemgedrag en meer werkplezier bij medewerkers.

Meer weten?

 

3. Een frisse blik van buiten kan helpen 

Project WAVE doet onderzoek naar invloed van buiten 

Bij moeilijk verstaanbaar gedrag weet je als professional soms niet meer wat je moet doen. Die machteloosheid kan verlammen. Een frisse blik van een ‘outsider’ kan dan uitkomst brengen. Het project WAVE doet daarom onderzoek naar de effecten hiervan. Bij vastgelopen situaties kan de kennis die je in de gehandicaptenzorg opdoet soms onvoldoende zijn. Dan is er nieuwe kennis nodig om iets in beweging te krijgen. Meer weten? Bekijk het artikel ‘Verder komen bij moeilijk verstaanbaar gedrag: Die frisse blik helpt’.

 

Wanneer professionals dingen mis hebben zien gaan 

Ook voormalig manager Joop Loomans van Ipse de Bruggen benadrukt dat het belangrijk is dat iemand van buiten meekijkt. Zo vertelt hij in de publicatie ‘Een omgeving die gezond maakt’: ‘Professionals in de gehandicaptenzorg denken soms in onmogelijkheden. Dit komt omdat zij veel dingen mis hebben zien gaan. Dan kan het helpen als er iemand van buiten meekijkt.’

 

4. Focus op het normale leven 

Triple-C

Bij Talant gingen ze aan de slag met de toepassing van Triple-C. Triple-C laat mensen met moeilijk verstaanbaar gedrag het gewone leven ervaren. Onder andere door samen met de cliënt te werken aan een betekenisvolle daginvulling. Daarbij is de insteek om probleemgedrag als onvervulde behoefte te zien. 

 

Betekenisvolle daginvulling 

Bij Talant deden ze ervaring op met Triple-C. Door een mevrouw met moeilijk verstaanbaar gedrag toch mee te nemen in een betekenisvolle daginvulling. Zo vertelt Ingrid Osinga, hoofdbehandelaar bij Talant: ‘We hebben gekeken naar activiteiten die zij prettig vindt. Zo ging ze meehelpen op de transportgroep door het inzamelen van was bij de verschillende woningen. Het gaf een goede structuur, met een duidelijk begin en einde. We hebben haar onvoorwaardelijk ondersteund op de moeilijke momenten.’

Meer weten?

 

Eigen spullen 

Voormalig manager Jaap Loomans bij Ipse de Bruggen benadrukt dat het belangrijk is om focus te houden op het normale in de publicatie ‘Een omgeving die gezond maakt’. Zo is het bijvoorbeeld belangrijk dat mensen gewoon hun eigen spullen hebben. Jaap: ‘Vaak denken mensen dat kamers prikkelarm moeten zijn. Maar ik zie juist gebeuren dat cliënten dan negatieve prikkels gaan opzoeken. Beter een negatieve prikkel, dan geen prikkel. Daarom is juist de aandacht voor het normale belangrijk. Dus bijvoorbeeld wel in contact met andere mensen zijn in de woonkamer. De begeleiding richt zich dan meer in het omgaan met die prikkels.’ 

 

5. Heb oog voor wat iemand kan en wil 

Houd rekening met ontwikkelingsniveau

In de waan van alledag kan het naar de achtergrond raken wat iemands ontwikkelingsniveau is. Probleemgedrag kan dan een uiting zijn van dat iemand wordt overvraagd. Zo vertelt Caroline Vos van Ipse de Bruggen in de publicatie ‘Een omgeving die gezond maakt’: ‘Houd goed oog voor het ontwikkelingsniveau. Sommige bewoners hebben het emotionele ontwikkelingsniveau van een twee- of driejarige. Het is belangrijk om elkaar daar steeds weer scherp op te houden.’ 

 

Veiligheid 

Architect Andrea Möhn vertelt in ‘Een omgeving die gezond maakt’: ‘Mensen met moeilijk verstaanbaar gedrag hebben het ontwikkelingsniveau van een kind. Net als kleine kinderen hebben zij behoefte aan veiligheid. Aan iemand in de buurt. Daarom moeten zij snel contact kunnen krijgen met de begeleiding. Dit betekent dat zij bijvoorbeeld zicht moeten kunnen hebben op de huiskamer of teamkamer. Tegelijkertijd moeten zij zich kunnen terugtrekken als zij behoefte hebben aan rust. Zorg dat de bewoner die keuze heeft.’ 

 

6. Sta goed stil bij het waarom van handelingen 

Als begeleider

Bij Ipse de Bruggen ontdekte begeleider Caroline Vos hoe belangrijk het is om de reden te kennen waarom je iets doet. Zo kozen zij er toch voor om de televisie achter plexiglas te hebben op een kamer van een cliënt. Caroline moest daar even aan wennen omdat de televisie alleen door begeleiders kan worden aangezet. Toch gaf het ‘waarom’ achter deze aanpassing de doorslag. Zo vertelt ze in ‘Een omgeving die gezond maakt’: ‘De cliënt weet namelijk niet hoe hij dat zelf moet doen. Hierdoor ontstaat er onrust en frustratie. Wij zetten het daarom voor hem aan wanneer hij dat wil. Dat is veel rustiger voor hem. Soms loopt iemand vast doordat hij overvraagd wordt. Dan moet je soms een middenweg zoeken. Hierdoor krijgt iemand juist weer een stukje regie terug in zijn beleving.’ 

 

Als organisatie

Het ‘waarom’ achter handelingen kennen, geldt bijvoorbeeld ook voor de invoering van Triple-C. Als je eerst ‘anders gaat doen’ in plaats van ‘anders te kijken’ werkt het niet. Zo vertelt programmaleider Triple-C Dick van de Weerd in ‘Een beetje Triple-C werkt niet’: ‘Het laten slagen van de invoering van Triple-C vraagt leren met en van elkaar op inzichtniveau. Hierbij gaat het om bewustwording en het stellen van waardegerichte vragen om er samen achter te komen “Past wat wij doen bij onze waarden?”. “Anders doen” begint dan ook met te onderzoeken welke visie en waarden er onder de dagelijkse gewoontes in een organisatie liggen.’ 

 

7.  Als organisatie is het belangrijk om een volledig beeld te hebben

Goed beeld en diagnose 

Voor een goed beeld, is het belangrijk dat professionals een diagnose goed en regelmatig uitvoeren. In de gehandicaptenzorg is er vaak aandacht voor intelligentieniveau van cliënten, ‘het kunnen aanpassen’ en de ondersteuning. Maar het is ook belangrijk om aandacht te hebben voor: omgeving (organisatie, cultuur en beleid), ‘mee kunnen doen’ en gezondheid. Het AAIDD-model zorgt voor zo’n bredere diagnose.

Meer weten?

 

Samenwerken met verschillende professionals (multidisciplinair)

Goed zicht hebben en houden op behoeftes van mensen met moeilijk verstaanbaar gedrag. Daarvoor is het belangrijk dat verschillende professionals goed samenwerken. Ook hiermee zorgt jouw organisatie voor een volledig beeld. In de Multidisciplinaire Richtlijn ‘Probleemgedrag bij volwassenen met een verstandelijke beperking’ vind je adviezen voor ondersteuning. Daarnaast helpt de richtlijn om afspraken te maken over taken, kennis, samenwerking en verwijzing. De richtlijn is voor alle professionals die te maken hebben met de behandeling of begeleiding van mensen met moeilijk verstaanbaar gedrag. 

 

Samenwerken met naasten 

Samenwerken met naasten is nodig en levert waardevolle kennis op. Dit merkte ze bij Ipse de Bruggen in gesprekken voor het aanpassen van de leefomgeving. Daarvoor hadden ze gesprekken in projectteams met verschillende professionals en familieleden. Zo vertelt gedragskundige Anne Busselmann in 
Een omgeving die gezond maakt’: ‘Anne: ‘We maakten bijvoorbeeld gebruik van kaarten met afbeeldingen. Iedereen kreeg de opdracht om een afbeelding te pakken die wat zei over de cliënt. Zo deel je verhalen en ervaringen waar je anders niet op komt. De ouders vertelden bijvoorbeeld over een verhuizing. De cliënt verstopte zich in het nieuwe huis onder de deken. Totdat er een schutting om de tuin stond. Pas toen kwam hij onder de deken vandaan. Dat gaf inzicht in zijn behoefte aan afscherming.’

Meer weten over samenwerken met familieleden?

Over Begeleiding à la carte

In het tweejarige vernieuwingstraject Begeleiding à la carte deelden aanbieders van gehandicaptenzorg hun praktijkervaringen in persoonsgerichte zorg. Zij stellen daarmee hun praktische kennis beschikbaar voor de hele sector.

Reageer op deze pagina

JOUW REACTIE
Wil je een link invoegen in de tekst? Zet de link tussen vierkante haken: [www.kennispleingehandicaptensector.nl]





Cookies op de website van Kennisplein Gehandicaptensector

Kennisplein Gehandicaptensector gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren.
Ik ga akkoord met het plaatsen van cookies (inclusief tracking cookies).
Niet akkoord en lees meer