Toon zoekbalkToon menu

Samenwerken met familie

Cultuursensitief samenwerken in de driehoek

Hoe werkt het samenwerken in de driehoek van cliënt, verwanten en zorgprofessionals wanneer er sprake is van een migratieachtergrond bij cliënt en ouders? Hoewel hier nog niet veel over bekend is, vraagt de toepassing van de driehoek bij mensen met een migratieachtergrond soms wat extra aandacht.
Aïcha el Heggar en Fenne Verhoeven van zorgorganisatie Cordaan werken veel met families met een migratieachtergrond. Zij gingen in gesprek met Chiel Egberts, de grondlegger van de Driehoekskunde, over cultuursensitief samenwerken in de driehoek. Dit artikel is gemaakt op basis van het inspirerende gesprek.


migratie

Driehoekskunde inzetten in een gezin met een migratieachtergrond

Hoe kun je Driehoekskunde zo inzetten dat het herkenbaar en werkbaar is voor iedereen? En werkt het anders in een gezin met een migratieachtergrond? In het algemeen is de basis van de werkwijze in alle gezinnen hetzelfde. Eerst maak je helder wat de manier van werken is. En daarna spreek je af wat je gaat doen. Vervolgens vraag je om de zoveel tijd: gaat het nog steeds naar verwachting? Het uitgangspunt is altijd het werken in en aan vertrouwen, dit geldt voor iedereen. Toch kan het behulpzaam zijn om inzichten over cultuursensitief werken mee te nemen in Driehoekskunde.

Gebruik deze tips om te werken aan vertrouwen bij gezinnen met een migratieachtergrond:

  • Neem de tijd om je te verdiepen in de achtergrond van een gezin.
  • Benader mensen vanuit een gelijkwaardige positie. Jij bent de professional en de verwant is de expert.
  • Wees je ervan bewust dat er een kloof kan zijn tussen jouw kennis van de Nederlandse zorg en die van de cliënt en zijn verwant. Vraag actief naar verwachtingen van de zorg.
  • Leg uit wat je met termen als dagbesteding of ambulante ondersteuning bedoelt.
  • Bied ondersteuning bij datgene wat op dat moment belangrijk is voor je gesprekspartner. Zoals een telefoontje naar de woningbouwvereniging.

De essentie van driehoekskunde


Werken vanuit de driehoek

De driehoek is een metafoor die duidelijk maakt wat er gebeurt wanneer verwanten de zorg voor hun (gehandicapt) familielid aan professionals toevertrouwen. Niet alleen laat de familie op dat moment anderen toe, maar ook professionals verbinden zich aan een derde, de verwanten van hun cliënt.

 
De illustratie maakt duidelijk dat deze driehoek het moet hebben van een sterke vertrouwensbasis. Hoe kunnen begeleiders en vervolgens ook verwanten daaraan werken? 
In de Driehoekskunde staan drie begrippen centraal:
 
1 Bonus: professionals doen het goede en liefst iets meer; minstens doen ze dus wat ze beloven
2 Verbinding: verwanten en professionals verbinden zich met elkaar, werken beiden aan een goede relatie
3 Positie: beiden zijn eigenaar van hun hoek en vragen de ander om dat te respecteren.
 
De driehoek is breed toepasbaar voor verschillende doelgroepen. In een driehoek met een verstandelijk gehandicapt kind in de top zullen de Bonus, Verbinding en Positie er anders uitzien dan in een driehoek met een ouder als top. Met cultuursensitief samenwerken hebben we het dus over de uitwerking van verschillende begrippen.


De kern van cultuursensitief hulpverlenen


Kijken naar overeenkomsten

Verbinding maken met iemand met een vergelijkbare achtergrond is vaak makkelijker dan met iemand die niet op je lijkt. Dat laatste vraagt dus extra inspanning. Cultuursensitief werken begint met je ervan bewust te zijn dat je vanuit jouw opvoeding, achtergrond en ervaringen een referentiekader hebt ontwikkeld waarmee je naar anderen en naar de wereld om je heen kijkt. Dat is heel normaal en niet goed of fout.
 
Het is in de zorg wel belangrijk om je hiervan bewust te zijn als je met anderen in contact bent. Wat voor jou goed of vanzelfsprekend is vanuit jouw achtergrond, kan voor een ander misschien heel anders liggen. Als je je hiervan onvoldoende bewust bent, kan het de communicatie met mensen met een migratieachtergrond beïnvloeden.
 
Ga daarom naast een verwant staan en vraag wat belangrijk voor hem is. Stel je open om te leren van de ander. Dat is natuurlijk een grotere uitdaging als je de ‘culturele taal’ van die ander niet spreekt, of letterlijk allebei een andere taal spreekt. Dat vraagt tijd en vaardigheden. Realiseer je daarnaast dat mensen niet altijd bekend zijn met de zorg en soms beperkte mogelijkheden hebben om hier een beeld van te vormen. En tegelijkertijd: focus niet alleen op iemands culturele identiteit. Mensen zijn niet hun cultuur, maar hebben meerdere identiteiten. Heb wel oog voor de impact van verschillen, maar kijk ook naar overeenkomsten!


Cultuursensitief werken in de driehoek


Werken op basis van vertrouwen

“En zo is er gewoon veel meer begrip en geduld voor elkaar, waardoor dingen toch net anders lopen, dan voorheen.”

Vertrouwen winnen
In het model van de driehoek vormt vertrouwen de basis die de driehoek in balans houdt. Als je het vertrouwen van de familie hebt, kun je iets ten goede doen in de zorg voor de cliënt. Dat vertrouwen win je door bijvoorbeeld te doen wat je afspreekt, dit is de Bonus in het model van de Driehoekskunde. Hoe doe je dit? Door te communiceren en goed te weten wat er van jou als zorgprofessional wordt verwacht.
 

Verbinding en positie: een krachtige combinatie
Bij hulpverleners is er vaak veel aandacht voor de Verbinding uit het model van de driehoek. Toch is in het model de Positie ook erg belangrijk. Als het je lukt om sterk te zijn in zowel positie als verbinding, dan heb je een perfecte, krachtige combinatie. Wat die positie inhoudt? Dat is jezelf positioneren als professional en niet op de stoel van de ander gaan zitten. Het is soms nodig om grenzen aan te geven als professional.
 
De verbinding met mensen met een migratieachtergrond heeft vaak wat meer tijd en aandacht nodig om tot voldoende vertrouwen te komen om de vraag achter de vraag te achterhalen. Daarnaast vinden zorgprofessionals het soms lastig om een andere cultuur te duiden. Het werken met mensen met een migratieachtergrond brengt vaak nieuwe zorgvragen en dilemma’s naar boven waar een hulpverlener niet meteen antwoord op heeft.
 
De nieuwe vragen van cliënten en naasten vragen wel eens dat je de gebruikelijke zorg wat oprekt. Hierdoor is het lastiger om je als hulpverlener goed te positioneren. Welke positie de cliënt en familie aan de hulpverlener geven is in een nieuw contact niet altijd meteen duidelijk. In sommige culturen is de dokter of hulpverlener een autoriteit, die heeft er immers voor geleerd. Bij Driehoekskunde gaan we ervan uit dat de verwant de expert is. Hij of zij kent de cliënt het beste. Bij cultuursensitief werken is het vaak belangrijk om dit extra te benadrukken. ‘U bent de expert en ik ben de professional.’ Zo ontwikkelen we het vertrouwen en leren we van de verwant wat belangrijk is in de zorg voor de cliënt. Omgekeerd leert de verwant van de zorgprofessional.
 

Rol binnen de familie
I
n Nederland zijn we geneigd om uit te gaan van het individu en zetten we de individuele wensen en behoeften vaak voorop. Bij een cultuur sensitieve benadering is het raadzaam om er rekening mee te houden dat familiebanden vaak erg belangrijk zijn. Hierbij is familie niet alleen het gezin, maar ook bijvoorbeeld ooms, tantes of grootouders. Hun mening en invloed kunnen groot zijn. Hierbij is het belangrijk om goed te kijken wie de belangrijkste gesprekspartner is. Dat kan bijvoorbeeld best een tante zijn. Het helpt vaak om deze contacten uit te tekenen in een netwerkkaart.

Realiseer je als zorgverlener tegelijkertijd dat het vanuit cultuur of religie vaak belangrijk is om zelf de zorg te blijven dragen voor het familielid en de zorg niet uit handen te geven, zeker niet als het gaat om nachtzorg.
 

Wensen en verwachtingen
Wat ook voor een begeleider van belang is, is te weten dat op sommige thema’s spanning kan zitten. Bijvoorbeeld als het gaat om intramuraal wonen, of gebruik van bepaalde voedingsmiddelen. Of om aanraken, intimiteit en seksualiteit. Hoe leg je verbinding in zulke situaties? Ook daar staat respectvol benaderen centraal. Wat werkt is om nadrukkelijk te vragen welke wensen en verwachtingen mensen hebben, en daarbij aan te sluiten, ook als die anders zijn dan wat je gewend bent.
 

“Nu merk ik dat mijn moeder veel meer zeggenschap heeft over haar kind en zich daarin veel meer betrokken voelt (…).”

Dat betekent ook: kunnen accepteren dat mensen soms andere keuzes maken dan je vanuit je eigen kader gewend bent. Het gesprek is dan niet gericht op overtuigen, maar op ondersteunen. Een voorbeeld: In plaats van te vragen: ‘Wordt het geen tijd dat uw kind dat nu bij u woont in een zorglocatie gaat wonen?’ kun je ook vragen: ‘Hoe ziet u de toekomst van uw kind? Wat heeft u ervoor nodig om de zorg voor uw kind zo lang mogelijk vol te kunnen houden? Heeft u er wel eens over nagedacht wie er voor uw kind gaat zorgen als u ouder wordt?’


 

Alle twinkels komen voort uit de lessen van 35 zorgorganisaties binnen het project Begeleiding à la carte, onderdeel van het programma Volwaardig leven.

Reageer op deze pagina

JOUW REACTIE
Wil je een link invoegen in de tekst? Zet de link tussen vierkante haken: [www.kennispleingehandicaptensector.nl]





Cookies op de website van Kennisplein Gehandicaptensector

Kennisplein Gehandicaptensector gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren.
Ik ga akkoord met het plaatsen van cookies (inclusief tracking cookies).
Niet akkoord en lees meer